Verslag bijeenkomst 7 juni 2017

‘Moresprudentie: het voeden van mensen die het goede proberen te doen’

Deze omschrijving van het begrip moresprudentie werd gegeven door Edgar Karssing (Nyenrode), tijdens een bijeenkomst op 7 juni 2017 bij de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam. Een kort verslag.

Definitie

'Moresprudentie betekent dat we met voorbedachte rade, kundig en zorgvuldig onze wil en manier van doen bepalen. Moresprudentie heeft als doel om houvast te bieden bij het omgaan met morele vraagstukken in werksituaties.'

De NBA ledengroep accountants in business werkt actief aan het ontwikkelen van moresprudentie, met name door middel van zogeheten werksessies, waarvan de volgende plaatsvindt op 21 september 2017.

Het Netwerk Goed Besturen (in het leven geroepen om wetenschappelijke inzichten te verbinden met ideeën en ervaringen uit de praktijk) organiseerde woensdag 7 juni 2017 bij de VU een bijeenkomst over Moresprudentie. Onder leiding van Leo Huberts (hoogleraar bestuurskunde en doet o.a. onderzoek naar de kwaliteit en integriteit van besturen), werd tijdens de netwerkbijeenkomst gesproken over de vraag of moresprudentie kan bijdragen aan het in kaart brengen van de vele onderzoeken naar integriteit en integriteitsaffaires. Maar ook of moresprudentie kan helpen stappen te zetten naar onderzoeksuitkomsten die meer gedeeld kunnen worden en waarmee willekeur tegengegaan kan worden.

Volgens Edgar Karssing (universitair hoofddocent beroepsethiek en integriteitsmanagement) is moresprudentie de uitwerking van de moraal: zorgen dat het goede gesprek over integriteit behouden wordt. Moresprudentie geeft een gemeenschappelijk kader weer, een houvast voor een afweging. Tevens maakt het collectief leren mogelijk en slaat het een brug tussen beleid en praktijk. Uitdagingen voor moresprudentie zijn:

  • hoe bepaal je de authenticiteit van de uitkomsten;
  • over het vastleggen van het goede gesprek gaat veelal een bepaalde interpretatieslag van de auteur;
  • hoe zorg je ervoor dat moresprudentie de doelgroep bereikt?

Patrick Overeem (universitair docent, gespecialiseerd in politieke theorieën) reageerde op de aftrap van Edgar Karssing vanuit zijn visie op ethiek en integriteit en de dilemma's die zich voordoen. Moresprudentie is een belangrijke toevoeging maar lijkt in zijn perceptie nu te weinig op jurisprudentie - een kennisbank die je raadpleegt - en is daardoor niet voldoende gezaghebbend, wat zonde is. Tevens vraagt hij zich af of de meeste integriteitskwesties niet gewoon gaan over hebzucht, menselijk falen en karakterzwaktes in plaats van over dilemma's?

Laatste spreker van de middag was Roel Fernhout (emeritus hoogleraar, voormalig ombudsman en voorzitter van het Landelijk Orgaan Wetenschappelijke Integriteit). Integriteit wordt in de wetenschap en op universiteiten tegenwoordig zeer serieus genomen. Na een aantal incidenten rond plagiaat (eind jaren '90 de affaire Diekstra, meer recent de zaak Stapel) is gebleken dat er een aantal overeenkomsten zijn tussen gevallen van wetenschappelijke fraude: het gebrek aan supervisie en gevoelens van 'geen waardering krijgen voor werk'. Moresprudentie zou volgens Fernhout kunnen helpen bij het beantwoorden van de vraag welke algemene lessen er te trekken vallen op het vlak van wetenschappelijke fraude.

De NBA biedt accountants in business moresprudentie aan. De input voor deze verslagen wordt gevorm tijdens de werksessies 'dilemma's en moresprudentie voor accountants in business'.